Van 22 tot en met 30 september kijkt de wielerwereld naar WK wielrennen 2018 in Innsbruck. Daar worden dan de Wereldkampioenschappen voor de verschillende disciplines binnen het wegwielrennen gehouden. Acht dagen lang zien we de beste renners bij de mannen en vrouwen strijden om de verschillende regenboogtruien.

Eerst de tijdritten

Op 22 september begint het WK met een training, waardoor je eigenlijk kunt stellen dat het feest eigenlijk pas op 23 september begint. Dan staat de ploegentijdrit bij de vrouwen en de mannen op het programma. Om 10.10 beginnen de vrouwen en vanaf 14.40 gaan de mannen aan de slag. Bij de vrouwen leggen de teams een afstand van 53,8 kilometer af dat een paar kleine heuvels kent, maar vooral vlak is.

De mannen moeten 62,1 kilometer afleggen, waarbij zij een klim van 4,6 kilometer moeten verteren. Deze heeft een gemiddeld percentage van 5,7 procent, maar er zit ook een stukje met 13 procent in. Omdat het aan het einde van het parkoers ligt, is het zaak dat de tijdrijders in het team ook een beetje omhoog kunnen.

Op 24 september is het aan de junioren bij de dames en de heren om hun tijdrit te doen. Een mooi moment om te zien wat toekomstige toppers precies gaan doen.

Op 25 september is er dan de individuele tijdrit bij de dames, waarbij zij een afstand van 28,5 kilometer afleggen. Het is een parkoers dat 262 hoogtemeters kent en daarmee een perfect parkoers zou gaan worden voor Annemiek van Vleuten, die haar wereldtitel verdedigt.

De mannen krijgen op 26 september hun tijdrit voorgeschoteld. Zij krijgen een rit van 52,5 kilometer die zij moeten overbruggen. Naast de pittige afstand krijgen de rijders ook een klim van 4,9 kilometer om te overwinnen. Deze kent een gemiddeld stijgingspercentage van 7,1 procent en uitschieters van 14 procent. Het belooft een strijd te gaan worden tussen Tom Dumoulin en Rohan Dennis.

Op donderdag 27 en vrijdag 28 september zien we dan weer de wegwedstrijd bij de junioren bij de dames en heren en de heren onder de 23. Andermaal een kans om te zien wat we in de toekomst van renners kunnen verwachten.

De wegwedstrijden

Op 29 september begint om 12.10 uur de wegwedstrijd bij de vrouwen. Zij leggen 156,7 kilometer af waarbij ze eerst iets van 80 kilometer moeten afleggen om daarna op de plaatselijke ronde nog iets van 70 kilometer moeten doen verdeeld over drie rondes. Daarbij zijn er drie pittige beklimmingen naar de Igls. Deze is 7,9 kilometer lang met een gemiddeld stijgingspercentage van 5,7 procent en een uitschieter naar 10 procent. De top van de laatste keer beklimming ligt op zo’n 15 kilometer van de finish, dus kunnen de iets minder sterkere klimmers nog terugkomen.

Het WK wegwielrennen wordt op 30 september afgesloten met de wedstrijd van de mannen. Zij beginnen al om 9.40 uur en hebben dan een afstand van 259,6 kilometer afleggen. De wedstrijd begint met zo’n 75 kilometer aanloop en kent daarna zes dezelfde ronden in de buurt van Innsbruck en sluit af met een laatste ronde waar een extra klim in zit. In de normale ronde moeten de heren net als bij de vrouwen de Igls overbruggen. In de laatste ronde moeten zij naast de Igls ook nog eens de Gramartboden nemen. Deze is 2,8 kilometer lang, maar heeft een gemiddeld stijgingspercentage van 11,5 procent met een stuk waarbij het zelfs met 25 procent omhoog gaat. En dat dan na een wedstrijd van al 240 kilometers. Vanaf de top is het dan nog zo’n 7,5 kilometer omlaag naar de finish. Op papier belooft dit echt een spektakel stuk te worden!