Als wielrenner in de bergen wil je niets liever dan ‘niets’ om je heen. De strijd tussen jou en de berg is iets persoonlijks. Het is een lijdensweg om naar uit te kijken. Om te vervloeken. Maar ook een strijd waar je achteraf de mooiste herinneringen aan overhoud. Op slechte, kronkelige wegen waar geschiedenis geschreven is. Waar niets is te beleven, en bijna geen auto rijdt. Het liefst om na het afdalen een heerlijk bord pasta naar binnen te werken. Klinkt dit alles méér dan aantrekkelijk? Tijd om naar Mazzo di Valtellina af te reizen. Dit kleine Italiaanse dorp fungeert als startpunt van precies zo’n beklimming. Het enige nadeel? De klim is 11,3 kilometer lang met een gemiddeld stijgingspercentage van 10,9%.

Passo della Foppa

We hebben het natuurlijk over de Passo della Foppa, die ook wel als Passo Mortirolo bekendstaat. Een die qua lengte redelijk met de Alpe d’Huez is te vergelijken, alleen gemiddeld bijna 3% steiler is. Om over de steilste stukken van meer dan 20% nog te zwijgen. Maar de berg is meer dan een vinkje op een cyclist bucket list. Het is een klim met veel verhalen. Ondanks dat de beklimming onder fietsers tot 1990 een onbekende was. Totdat de Giro d’Italia de berg dat jaar in het routeboek opnam.

Passo Mortirolo

Het uitzicht vanaf de “top” van Passo Mortirolo – Foto: Barry Kraakman

Van grindweg tot fietswalhalla

Het is dus een relatief jonge beklimming voor fietsers. Tot 1990 lag de weg er slecht bij. Het was niet meer dan een boerenpad; een laag van grind en steen. Toen deelnemers van de Giro d’Italia 1988 op Passo Stelvio (ligt aan hetzelfde dal) een zware sneeuwstorm moesten trotseren, kregen de routebouwers de opdracht om een alternatief voor de Stelvio te zoeken. Wat in 1990 leidde tot de beklimming van de Passo della Foppa. Deze werd vanuit Edolo (westkant) beklommen, en richting Mazzo (de steilste kant) afgedaald. Wat niet goed beviel; de 33 haarspeldbochten, in combinatie met de steile percentages, zorgden voor veel valpartijen. Waardoor de klim sindsdien vanuit Mazzo wordt verreden.

Mazzo di Valtellina

Dat deze kant van de berg voor veel ongelukken in de afdaling zorgde, wordt duidelijk zodra je de eerste paar kilometers achter de rug hebt. Of liever gezegd, in de benen. Al voor de mijlpaal van 2 kilometer fiets je tegen een muur van 15% op. En slecht nieuws; dit houdt zo’n 2/3e deel van de klim aan. Het percentage blijft tot aan de laatste kilometers in de dubbele cijfers. Wat de beleving van deze klim anders maakt dan beklimmingen die je tot nu toe misschien gewend bent. Het beklimmen van de Mortirolo is dan ook een onvergetelijke ervaring. Al zul je hier achteraf meer van genieten. Onderweg ben je namelijk alleen maar bezig met het voorkomen van omvallen, in plaats van fietsen. Even de benen stilhouden? Dan sta je stil. En als je stilstaat, is opstappen bijna onmogelijk. Ook aan je stuur trekken of teveel achterop zitten wordt afgestraft. Op percentages van 20% betekent dit namelijk dat je voorwiel los de weg komt. Iets waar je, op zo’n moment, niet op zit te wachten.

Hoe hoger je komt, hoe smaller de weg – door de toenemende dichtheid bomen – lijkt. Tot je in bocht 11 opeens langs ‘Il Pirata’ fietst. Het beeld ter ere van Marco Pantani kijkt sinds 2006 neer op alle zwoegende wielrenners die het zwaarste deel van de berg achter zich hebben gelaten. Hoewel het passeren van Pantani’s beeld je bijna vleugels geeft, lijkt het het daadwerkelijk lichter te worden. Het stijgingspercentage neemt in de laatste kilometers namelijk wat af. En bijzonder genoeg voelt een stijgingspercentage van 9% dan opeens “licht” aan. In vergelijking met het eerste deel, in ieder geval.

Een ware uitdaging

Kortom: een klim voor de echte klimgeiten onder ons. Veel fietsen zijn tegenwoordig voorzien van een compact, waarbij het kleinste verzet 34/28 is. De lichtgewichten zullen hiermee omhoog komen, maar zelfs Lance Armstrong had hier moeite mee. Tijdens een trainingsronde in 2004 reed hij slingerend tussen de wielertoeristen omhoog. Hij noemde de Mortirolo de “zwaarste beklimming die hij ooit had gereden” en wenste dat hij z’n mountainbike bij zich had. Dus als je met compact én twijfel naar Mazzo afreist, is het misschien verstandig om een extra cassette in te pakken. Of houd jij het bij het bekijken van onderstaande beelden?

Zie ook: