Ik ga het hebben over mijn retro racefiets, een rode Raleigh. Heeft de Peter Post-ploeg nog op gereden, zeg ik er altijd bij. En bij de wielernitwits voeg ik daar nog aan toe dat Joop Zoetemelk er in 1980 de Tour op heeft gewonnen. Of in ieder geval op heeft getraind, als ik scepsis zie.

Dat is natuurlijk allemaal niet waar, het verhaal van de Peter Post-ploeg is een mengeling van het enthousiasme van mijn vader, die mee was tijdens de koop, en de halve bevestiging van de verkoper uit Jubbega, die eigenlijk niet aan verkooppraatjes doet. Ik heb het nog even gecheckt: bij Peter Post reden ze inderdaad op een rode Raleigh, maar dat was een ander model.

Het retro-virus

Mijn retro racefiets komt uit het Friese Jubbega, even naast mijn geboortedorp Gorredijk. Iemand daar, ik zeg niet wie, koopt oude racefietsen in het buitenland, knapt ze op en verkoopt ze voor een prikkie. Die van mijn broer komt er ook vandaan, een blauw-witte Atala. Mijn vriendin kocht er een witte Batavus en later kocht mijn vader nog een oranje Peugeot, omdat hij die ‘niet kon laten staan’. Hij vindt ze prachtig, net als oude typemachines, maar fietst er niet op. Die oranje fiets ging uiteindelijk naar een vriend. Wat ik maar wil zeggen: eenmaal aangestoken met het virus, kom je er niet meer van af.

De rode Raleigh van de Peter Post-ploeg

De koning op de weg

In Amsterdam, waar ik woon, betaal je het vierdubbele voor dezelfde fiets. Maar daar gaan we het niet over hebben. Zo’n retro racefiets rijdt heerlijk, vooral als je hem een beetje verzorgt. Andere mensen in Amsterdam op een racefiets kan ik niet serieus nemen, mezelf vreemd genoeg wel. Misschien wel iets té serieus. Ik voel me de koning op de weg. Een klimgeit. Licht, maar wel getrainde bovenbenen door voetbal, praat ik mezelf aan. Zo’n vier jaar speel ik al wielrennertje in Amsterdam en hinder ik ander verkeer op mijn rode Raleigh.

Vroeger heb ik nooit fanatiek gewielrend. Wel af en toe gemountainbiket, door het Beetsterzwaagse bos en over de Hemriker Heide. Ook reed ik met weer en wind 15 kilometer heen en terug voor de middelbare school. Verder was ik vooral aan het voetballen, maar binnenkort ga ik dan eindelijk officieel te wielrennen. Met een biefstukbroekje en al, samen met een ploegje vrienden dat regelmatig wielrent. Of dat leuk wordt? Nou, de eng fanatieke sportman in mij denkt alweer aan winnen. Ik heb namelijk het gevoel dat ik ze eruit kan rijden. Of op zijn minst bij kan houden. Op mijn eigenlijk veel te kleine rode Raleigh van Joop Zoetemelk.

Mijn rode Raleigh

Hoogmoedswaanzin, maar in bed lig ik ervan te dromen dat ik in een gewoon T-shirt aankom en ze er allemaal uitrijd. Op die retro racefiets met bandjes van de louche fietsenmaker op het Waterlooplein. Op amateurniveau scheelt het toch niet zoveel, wat voor fiets je hebt? We gaan het zien. Waarschijnlijk leen ik op het laatste moment een professionelere fiets en haal ik het einde niet eens door een kapotte klikschoen. Maar die keer daarna? Dan rijd ik ze er allemaal uit.