Tom Dumoulin is de beste Nederlandse ronderenner van de afgelopen jaren. In een vorig artikel bespraken we de eerste jaren van de profcarrière van deze renner. De seizoen 2016 en 2017 zijn echter de momenten waarin Dumoulin z’n kwaliteiten pas écht wereldkundig maakte.

Giro d’Italia 2017

Aan het einde van 2016 maakte Dumoulin duidelijk dat hij in 2017 in de Giro d’Italia voor het klassement wilde gaan. Daarvoor besloot hij veel trainingsgewicht te zetten op het klimmen. Dat zou op papier ten koste gaan van zijn tijdrit-vaardigheden, maar dat viel in de praktijk wel mee.

Toch was zijn voorbereiding niet veelbelovend. In de Tirreno-Adriatico reed hij redelijk goed, maar wist hij in de tijdrit, toch wel zijn specialiteit, geen potten te breken. Hij sloot de belangrijkste voorbereidingswedstrijd op de zesde plaats af. Vervolgens ging hij op hoogtestage om zich daarna in Luik-Bastenaken-Luik nog één keer te testen. Met een 22e plek was dat ook niet echt iets om over naar huis te schrijven.

Tom Dumoulin

Foto: Cor Vos

De start in de Giro

En zo stond hij begin mei in Italië aan de start. Zonder echt grote overwinningen achter zijn naam, maar toch een gezonde dosis zelfvertrouwen. Tijdens de eerste etappe moest het peloton gelijk de Etna beklimmen. Een lange, maar zeer geleidelijke klim, waarbij Dumoulin ogenschijnlijk zonder al te veel moeite bij de favorieten kon blijven. Een week daarna volgde de beklimming op de Blockhaus. Daar leken Thibaut Pinot, Nairo Quintana en Vincenzo Nibali de beste papieren te hebben om de rit te winnen. Dumoulin werd gelost, maar reed uiteindelijk op eigen tempo omhoog en eindigde samen met Pinot op een kleine halve minuut van Quintana. Dat was vervelend, maar niet onoverkomelijk.

Foto: Cor Vos

Individuele tijdrit

Niet lang daarna volgde de eerste individuele tijdrit. Normaal gesproken de uitgelezen kans voor Dumoulin om tijd terug te pakken. Door  z’n andere voorbereiding was het echter de vraag wat Dumoulin kon doen. Hij pakte de ritwinst en een voorsprong van drie minuten op Quintana, waarmee hij ook de roze trui wist te pakken. Quintana wilde in de veertiende etappe, met aankomst bergop de Oropa op, tijd terugpakken. Dat leek de Colombiaan in eerste instantie ook te doen, maar Dumoulin bleef zijn eigen tempo rijden, haalden Quintana in, ging hem voorbij en sprintte voor de winst.

Foto: Cor Vos

Sanitaire stop

Alles leek in orde te zijn, totdat hij in de zestiende etappe, de koninginnenrit, opeens van zijn fiets af moest voor een sanitaire stop. Dat deed hij nog knap snel, maar verloor wel veel tijd en kon niet meer terugkomen in de groep der favorieten. Hij verloor twee minuten, maar behield de leiderstrui. De spanning in de wedstrijd was terug. In de negentiende etappe zakte Dumoulin er doorheen en verloor hij veel tijd. Hij viel terug naar de vierde plek in het klassement. Gelukkig voor hem eindigde de Giro met een tijdrit.

Foto: Cor Vos

Het was de tijdrit waarin hij 53 seconden goed moest maken op Quintana. In een alles-of-niets dag had hij z’n topvorm. Hij moest enkel Jos van Emden voor zich dulden, maar in het klassement pakte hij de roze trui weer terug. Daarmee schreef Tom Dumoulin geschiedenis en won hij zijn eerste Grote Ronde. Eentje waar hij echt zijn zinnen op had gezet, en een overwinning waar we nog altijd met veel plezier aan terugdenken.

Foto Cor Vos

WK Bergen

Na dit succes besloot Dumoulin zich te richten op het najaar, waar het Wereldkampioenschap een belangrijk doel was. Op de individuele tijdrit had hij ondanks zijn andere voorbereiding het hele jaar goed gescoord, dus was een wereldtitel niet eens zo’n gekke gedachte. Dat najaar reisde hij af naar het Noorse Bergen om daar op de tijdrit wereldkampioen te worden. Hij versloeg daar Primoz Roglic en Chris Froome. Zodoende sloot hij het jaar af met een roze- en regenboogtrui en werd hij verkozen tot Sportman van het Jaar.

2018 andermaal erg sterk

Na dit topseizoen was het duidelijk dat Tom Dumoulin een gevestigde naam was. Zijn eerste doel in het nieuwe jaar werd dan ook het verdedigen van z’n Giro-titel. En als hij zich daarna goed voelde, zou deelname aan de Tour de France niet uitgesloten zijn. Het voorjaar van 2018 ging echter niet lekker. Hij kreeg te maken met ziekte, materiaalpech en zat niet lekker in zijn vel. Hij was naar eigen zeggen te gretig en vond het lastig om met tegenslagen om te gaan. Toch ging hij met een goed gevoel naar de Giro.

Deze begon dat jaar in Israel, waar hij gelijk de proloog won en zo de roze trui wist te veroveren. Net als in de Giro van 2017 deed Dumoulin goed mee en ging hij de derde week in met een mooie tweede plek. Het was echter Simon Yates die tot dan toe de dienst uitmaakte. De Brit won meerdere etappes en ging de derde week in met een voorsprong van ruim 2 minuten op Dumoulin. Het leek een strijd tussen hen twee te gaan worden, waar Chris Froome met een ruime achterstand op plek drie stond. In de tijdrit pakte Dumoulin wel wat tijd terug op Yates, maar z’n achterstand was alsnog één minuut.

Foto: Cor Vos

Het was de negentiende rit waarin de Giro op zijn kop werd gezet. Simon Yates moest in een zware bergetappe al snel lossen en verloor ruim een half uur. Dat was het moment dat Chris Froome aanviel. In een lange solo van zo’n 80 kilometer wist hij ruim drie minuten op Dumoulin te pakken en won zodoende uiteindelijk de Giro. Dumoulin moest genoegen nemen met een tweede plaats op het podium. Twee jaar achter elkaar kwam hij in een grote ronde op het podium terecht.

Het podium van de Giro d’Italia 2018 – Foto: Cor Vos

Naar de Tour

Met de goede Giro in z’n benen besloot Tom Dumoulin ook de Tour de France te gaan rijden. Enerzijds om te kijken hoe hij twee grote rondes achter elkaar zou kunnen verteren, maar ook om te kijken of hij een goed klassement kon rijden. Hij begon de Tour goed. In de eerste paar etappes ontweek hij de grote valpartijen. Wel verloor hij in de zesde etappe ruim een minuut dankzij materiaalpech en een jurystraf.

Foto: Cor Vos

Geraint Thomas

In de bergen ging Dumoulin goed mee. Hij probeerde aan te vallen, maar moest meestal zijn meerdere erkennen in Geraint Thomas, die verrassend goed reed. Na twee weken tijd stond Dumoulin op een knappe derde plek. Hij had 11 seconden achterstand op Froome, die tweede stond, en bijna twee minuten op een ijzersterke Thomas. In de laatste week was met name de zeventiende etappe een prachtige. Dumoulin ging daarbij zelf in de aanval, waarbij Thomas als enige kon volgen en op het laatst wegreed bij Dumoulin. Iets dat hij ook in de negentiende etappe deed en dankzij het secondespel ging Thomas met meer dan twee minuten voorsprong de laatste tijdrit in.

Dumoulin won die tijdrit wel, met een minimaal verschil op Froome, maar Thomas eindigde niet veel daar achter. Er zat voor Dumoulin niet meer in dan een tweede plek. Een plek waar hij enkel vrede mee kon hebben. Er viel niks af te dwingen op de manier waarop Thomas drie weken lang reed en Dumoulin probeerde overal aan te vallen. Twee keer als nummer twee op het podium in twee grote rondes achter elkaar bevestigde wel wat we eigenlijk al wisten: Tom Dumoulin is uit een speciaal stuk hout gesneden.

Foto: Cor Vos

Met die twee grote rondes in zijn been, besloot Tom Dumoulin het rustig aan te doen en zich nog één keer op te laden voor het WK om daar zijn titel in de individuele tijdrit te verdedigen. Dit keer moest hij het echter afleggen tegen Rohan Dennis, die zich veel beter had voorbereid op de race en Dumoulin baalde als een stekker. Hij kon zich wel opladen voor de wegwedstrijd, waar hij samen met Alejandro Valverde, Romain Bardet en Michael Woods naar de finish reed. In de sprint werd hij echter vierde en ging de titel naar Alejandro Valverde.

Toch is het duidelijk geworden dat Tom Dumoulin een speciale renner is. Hij is nog maar net 28 jaar oud en heeft zodoende zeker nog flink wat jaren op de fiets voor zich liggen. Jaren waarvan wij niet kunnen wachten om te zien wat ze gaan brengen.