Het is nog wat vroeg om helemaal in de hype van de Vuelta a España te komen. Het is namelijk pas de derde grote ronde van dit jaar en het startschot wordt pas op 24 augustus gegeven. Maar het parcours is met de presentatie van het nieuwe routeboek alvast bekendgemaakt. En als we daar naar kijken, kunnen we onze enthousiasme niet onderdrukken.

De Vuelta a España 2019 is zwaar

Net als in 2018 kiezen de makers van het parkoers gelijk voor spektakel. Waar je in de Tour de France vaak de eerste week kijkt naar nogal saaie sprintersetappes, daar wordt het klassement in de Vuelta a España al in de eerste week goed door elkaar geschud. De race begint met een ploegentijdrit van 18 kilometer en kent in de tweede etappe gelijk wat heuvels van de tweede categorie. De laatste ligt op zo’n 25 kilometer voor het einde, waardoor sprinters eventueel nog de kans hebben om terug te komen, maar daarvoor dan wel moeten strijden. In etappe 3 en 4 hebben de sprinters vrij spel.

Maar in de vijfde etappe is het alle hens aan dek voor de mannen met klassementsambities. De etappe eindigt bergop met een stijgingspercentage rond de tien procent. Dat kan op papier gelijk spektakel opleveren.

Deze etappe luidt het begin van een serie aan mooie etappes in. Etappe 6 en 7 eindigen ook met een beklimming. De zesde etappe op een heuvel van de derde categorie en etappe 7 op de Mas de la Costa. Dat is een beklimming van nog geen vier kilometer, maar wel een met stukken die een stijgingspercentage van 21 procent kennen. Spektakel gegarandeerd.

Quintana op de Mas de La Costa tijdens de Volta a la Comunitat Valenciana stage 4 in 2017

Etappe 8 zal wat dat betreft overkomen als een soort rustdag met een paar kleine heuvels en weer wat kansen voor de sprinters. Diezelfde sprinters zullen we massaal zien afstappen in etappe 9. Dan moet de renners over maar liefst vijf beklimmingen in nog geen 100 kilometer overleven. De etappe wordt gereden op een zondag en is zodoende een perfecte etappe om de hele dag thuis voor te blijven.

Vuelta a España

De dag na deze helse beklimming is het tijd voor de eerste rustdag in de Vuelta a España en kan men de wonden likken. De dag daarna is het weer gelijk aan de klassementsrenners met een individuele tijdrit van 36 kilometer. De rest van de tweede week lijkt voornamelijk geschikt te zijn voor aanvallers met een aantal etappes in de heuvels. De vijftiende etappe op zondag 8 september is de voornamelijkste uitzondering op die regel. Op die dag rijdt het peloton weer een helse rit met vier beklimmingen en een finish op de Sanctuario de la Virgen del Acebo met een gemiddeld stijgingspercentage van tegen de tien procent.

Vuelta a España

Je zou zeggen dat je na zo’n zware etappe een rustdag verdient. Maar daar denkt de organisatie anders over. Op de maandag staat er nog een bergrit op de planning. Vijf keer gaan we deze keer omhoog en finishen we op de Alto de La Cubilla, welke nieuw is in de Vuelta. 26 kilometer lang met een stijgingspercentage van bijna vijf procent.

Na al dit geweld, lijkt de Vuelta a España 2019 helaas wel als een nachtkaars uit te gaan. De laatste week kent vijf etappes, waarvan de laatste het verplichte rondje door Madrid is. Van de overige vier zijn er twee etappes voor de sprinters (als die de bergen overleeft hebben) en de andere twee zijn bergetappes. Maar de eerste kent zijn laatste berg zo’n dertig kilometer voor de finish en de tweede eindigt op een heuvel van de derde categorie. Zeker gezien het geweld van de eerste twee weken voelt het alsof de koers op papier als een nachtkaars uitgaat. Het zijn echter die eerste twee weken die zo indrukwekkend zijn, dat wij niet kunnen wachten om de strijd te zien.